(Recensie) American McGee’s Alice 2

Deze recensie is van een klein jaartje terug, en éen van mijn betere. Komt ie!!

Image

Voordat ik jullie iets ga vertellen over Alice 2 wil opa jullie eerst een geschiedenislesje leren. Misschien heb je de les al eerder gehad, maar dat heb je met opa’s, die vertellen van die dingen die iedereen al weet. Of toch niet? (kuch) Goed, lang geleden, lieve kindertjes, ver weg in 1996; in de tijden dat games met drie dimensionale graphics nog een relatieve uitzondering op de regel waren… kwam er een 3D platformgame uit genaamd Mario 64. De grootte van het spel, de voor de tijd geweldigde graphics, de nog steeds geweldige muziek en de heerlijke besturing: in alles was Mario 64 een fantastische game die de competitie compleet wegblies en daarmee de blauwdruk legde voor het 3D platformgenre dat floreerde aan het einde van de jaren negentig. In navolging van Mario waren deze platformers bijna altijd cartoony qua stijltje, zoals het geweldige Banjo Kazooie en het ook behoorlijk goede Rayman 2. Eén game in het bijzonder deed hier niet aan mee: het in 2000 voor de pc uitgekomen Alice. In Alice waren de platformpjes op zijn Mario 64’s aanwezig maar qua stijl en verhaalvertelling brak het spel met de kinderlijke stijlconventies van het platformgenre. Tot genot van vele gamers was het Wonderland van deze Alice namelijk morbide en volwassen, doordrongen van duistere sadistische humor en gezegend met een origineel, bij tijd en wijle psychedelisch aandoend leveldesign. Destijds was ik een van die gamers die aangenaam verrast was door de stijl en de kwaliteit van de game. Nu is het elf jaar later en heeft Alice eindelijk een vervolg met de subtitel ‘ Madness Returns’.

Jawel, de gekte is teruggekeerd in het hoofd van Alice maar niet zoals je het gewend bent. Madness Returns voelt namelijk heel anders aan dan het eerste deel. Ik zal het maar meteen toegeven: Madness Returns is niet de game die ik hoopte dat het zou zijn. Voordat ik ging spelen was mijn verwachting al wat getemperd door de unaniem matig gestemde reviews die vooral de repetitieve gameplay hekelden . Spijtig genoeg moet ik na vijftien uur spelen hiermee instemmen. Het vreemde is dat er ondanks de sterke minpunten ook veel te bewonderen is. Hierdoor roept de game in deze recensie een gespleten toonzetting op die goed past in het kader van de verwrongen geest van de hoofdpersone. Hemel en hel liggen in Madness Returns soms heel dicht bij elkaar.
Laat ik beginnen met iets te vertellen over het verhaal en de opbouw van het spel. Het  Wonderland in het hoofd van Alice verkeert wederom in een staat van chaos en het is aan Alice zelf om uit te vinden wat er precies aan de hand is. Al gauw kom je erachter dat Alice kampt met een gewetenverscheurend trauma nadat haar zusje en ouders omkwamen in een hevige brand. Alice geeft zichzelf hiervan de schuld. Is dit terecht en zal Alice ooit in het reine komen met haar geweten?  Om hier achter te komen reis je door vijf grote werelden in het hoofd van Alice, elk met enkele subwerelden. Tussen de vijf werelden kom je even terug in de ‘echte wereld’ waar je een klein stukje kan rondlopen en iets meer te weten komt over de raadselachtige problemen in de denkwereld van Alice. Na zo’n kort intermezzo kan je weer verder met de lange verkenningstocht van een nieuw stuk Wonderland. De besturing die je hiervoor hebt zit goed in elkaar. Vergeleken met de Alice van elf jaar geleden is de nieuwe Alice namelijk een stuk volwassener geworden. Bewegen en springen gaat haar soepeltjes af en de combat is sterk verbeterd door een lock-on systeem dat lijkt op dat van Zelda: The Ocarina Of time. Zo kan je richten op vijanden met de linker trigger van je controller, waarna je ze met de rechter trigger tot bloedens toe kan bewerken met je wapens. Wapens zoals een hete thee schietende theepot en een peper schietende…pepermolen. Jawel, ook aan originaliteit ontbreekt het dus niet.

Image

Waar het spijtig genoeg wel duidelijk aan ontbreekt is variatie in het leveldesign. De makers hebben de vijf levels veel te lang uitgesponnen en al heel snel wordt dit ergerlijk. Vaak krijg je het gevoel dat je een stuk van een level al eerder hebt gespeeld. Zodoende bestaat het spel bestaat uit weinig meer dan schier eindeloos van platform naar platform springen, kratjes kapotslaan voor items, schakelaars omhalen om nieuwe platformpjes te doen verschijnen en tussendoor zo nu en dan een willekeurig aandoend gevecht doorkomen, tot je er moe van wordt. Een beetje zoals we dat gewend waren in de jaren negentig. Hadden ze het spel korter gehouden dan waren de gevechten minder gaan vervelen en hadden de levels niet zo eindeloos aangevoeld. Maar helaas, Madness Returns zal voor altijd gebukt gaan onder de Vloek van De Te Lang Opgerekte Speelduur. Het schrijnende is dat Madness Returns wel poogt gevarieerd te zijn, door je heel af en toe grappig ogende sublevels te laten spelen waarin je opeens een sidescrolling platformer speelt of een sidescrolling shooter in een duikboot. Het is alleen jammer dat de waarde van deze variatie compleet teniet wordt gedaan door de matige uitwerking van deze levels. De sidescrolling Alice beweegt te zweverig en de duikboot is zo traag dat je al gauw weer terugverlangt naar de normale gameplay, die in ieder geval nog responsief speelt. Nog een minpunt is het gebrek aan puzzels en dat de  puzzels die je wel krijgt van kleuterniveau zijn. Stel je hierbij voor dat je een ernstig gesimplificeerd potje schaak moet spelen of een afbeelding bij elkaar moetschuiven.

Misschien had ik meer voldoening uit het spel gehaald als Madness returns moeilijker was geweest. Veel uitdagingen krijg je namelijk niet als (platform) gameveteraan. Alleen sommige gevechten zullen je misschien wat zweetdruppels bezorgen door de grote overvloed aan vijanden. Sommige van deze vijanden zijn overigens bijzonder mooi vormgegeven, vooral de demonische theepot is een favoriet van me. Helaas ontsnapt ook de combat niet aan de Vloek van De Te Lang Opgerekte Speelduur. Er is te weinig variatie in de vijanden die bij je op de thee komen en de combat wordt al gauw een zaak van herhalende, voorspelbare bewegingspatronen. Door het monotone platform en vechtwerk zou je bijna vergeten dat Alice ook nog een verhaal heeft. Nadat je een level hebt uitgespeeld, waarover je een uur of drie zal doen, krijg je weer een dosis vertelwerk  voor je kiezen. Deze verhalende intermezzo’s zijn een mix van een korte wandeling door de 19de eeuw Engels aandoende ‘echte’wereld van Alice en mooi gemaakte filmpjes. Na alle repetitiviteit doet dit je interesse weer even opvlammen, maar voelen deze verhaalstukken door de lengte van de levels te ver van elkaar verwijderd om het verhaal als coherent te doen laten voelen. Daarnaast is in het verhaal aan vaag (lees: cryptisch) taalgebruik geen gebrek en begreep ik niet heel veel van het einde. En dat voelt onbevredigend, kan ik je verzekeren.

Image

Toch heb ik game ondanks alle mankementen uitgespeeld. Ik heb op sommige momenten zelfs diep genoten van Alice. Waar de gameplay je in het slechtste geval in slaap doet sukkelen vergoedt de vormgeving van Wonderland in het beste geval al je geploeter. Neem de allereerste omgeving van het spel: een weelderig sprookjesachtig bos. Weliswaar stuit je hier ook meteen op alom aanwezige grafische grofheden zoals lelijke textures en een trillerig glitchlijntje maar het bos zelf is sfeervol, kleurrijk en gedetailleerd. En het wordt nog mooier in sommige stukken van het volgende level. Je bevind je hier in een in de wolken zwevend  zwevend industriecomplex die qua look wat aan Bioshock doet denken. En dat is een groot compliment. Het uitzicht is geweldig en door de zinnenprikkelende setting voelt de gameplay plots dragelijker aan. Eveneens memorabel is het tweede deel van het vierde level. Vanaf je entree rijst er een gigantisch kasteel boven je uit. Het kasteel zelf ziet er zowel van buiten als van binnen prachtig uit en binnen onderga je een spannende achtervolging door een monster wat me een beetje aan Resident Evil deed denken. En ook dat is een groot compliment.

Op dit soort momenten is Madness Returns met recht ‘episch’  te noemen. Zeldzaam zijn ze, deze momenten, maar ze zijn er wel. Misschien voelden ze wel des te epischer in contrast met de saaie tweede en derde levels, die ik met een groeiende weerzin had voltooid. Zo merk ik dat mijn teleurstelling over de dieptepunten toch worden gedempt door de bewondering van de hoogtepunten. Ik mijmer nu wat, want waarschijnlijk zal ik me over tien jaar weinig anders van Madness Returns kunnen herinneren dan dat het een wat saai spel was, maar dat dat prachtige demonische kasteel alles goedmaakte. Het doet me denken: ‘soms bestaat de gratie van het lelijke bij het schone, zoals de gratie van de waanzin bestaat bij die van de zin’. Alice zou het vast met me eens zijn.

Madness Returns is een spel voor de liefhebber. Want waar de langdradigheid tot lichte waanzin kan leiden zijn de onvergetelijke momenten niet te vergeten tot we ze vergeten zijn en weer herinnerd zouden kunnen worden door iemand die deze recensie leest als ik vergeten ben. Vergeet dat als je wilt, maar speel Madness Returns alleen als je van unieke vormgeving houdt en daarvoor bereidt bent de eentonige gameplay te doorstaan.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s

%d bloggers like this: